Eén aanmelding, sneller passende zorg

Steeds opnieuw dezelfde informatie invullen, verschillende formulieren gebruiken en aanvullende gegevens opvragen. Voor veel gemeenten en zorgaanbieders is het de dagelijkse praktijk. Het Landelijk Aanmeldformulier Jeugdhulp brengt daar verandering in: de ervaringen na de implementatie in de regio Hart van Brabant laten zien dat het formulier niet alleen tijd bespaart, maar ook leidt tot betere samenwerking en de route naar passende zorg versnelt. We spraken Leon Spenkelink van Sterk Huis en Crossroads over zijn ervaringen met het landelijk aanmeldformulier. 

Werken met het Landelijk Aanmeldformulier

Bij Sterk Huis wordt sinds 1 juli met het Landelijk Aanmeldformulier gewerkt, bij samenwerkingsverband Crossroads in de regio Hart van Brabant werken ze er inmiddels ruim een jaar mee. Zorgbemiddelaar Spenkelink was betrokken bij de landelijke ontwikkeling én begeleidde de invoering binnen zijn organisatie. Zijn ervaring: het formulier werkt, mits organisaties het goed implementeren én goed gebruiken. “Dat helpt echt bij een snellere toeleiding naar zorg. En we houden meer tijd voor het helpen van mensen, in plaats van dat we met de administratie bezig zijn. Volgens mij kan daar niemand tegen zijn.”

Minder administratie, meer tijd voor zorg

Een aanmelding is bedoeld om snel te beoordelen welke ondersteuning een gezin nodig heeft. Maar in de praktijk kost het aanmeldproces vaak veel tijd: informatie ontbreekt, dossiers moeten worden opgevraagd en verwijzers en zorgaanbieders moeten vaak meerdere keren aanvullende gegevens uitwisselen.

Het Landelijk Aanmeldformulier brengt structuur in een vaak versnipperd aanmeldproces. De informatie die nodig is voor een eerste beoordeling wordt met het landelijk formulier in één keer vastgelegd. Daardoor hoeven zorgaanbieders niet direct uitgebreide dossiers of onderzoeksrapporten op te vragen. “In het formulier staat welke hulp is gegeven en wat heeft dat opgeleverd. Als je een conclusie of een eerder advies weet, dan is dat voldoende om een inschatting te kunnen maken van past dit bij ons of niet.” 

Naast tijdswinst, voorkomt het landelijk aanmeldformulier dat privacygevoelige informatie onnodig wordt gedeeld. “In principe wordt alleen het inhoudelijke (anonieme) deel gedeeld met de zorgaanbieder. Die screent de aanvraag en bekijkt of zij ze de juiste hulp kunnen bieden. Als dat zo is, dan stuurt de verwijzer pas het tweede deel op met de persoonlijke gegevens. Waar we vroeger het hele verslag opvroegen, waarin ook privacygevoelige informatie over gezinsleden kan staan, vragen we nu alleen om een beknopte diagnose als er een onderzoek is geweest.”

Eén taal in de hele keten

De voordelen worden nog groter wanneer gemeenten, verwijzers en zorgaanbieders allemaal met hetzelfde formulier werken. Nu werken veel organisaties vaak nog volgens eigen aanmeldprocedures. Dat betekent dat verwijzers meerdere formulieren moeten invullen of verschillende procedures moeten volgen. “Gemeenten met wie ik contact heb worden heel enthousiast. Als ze nu een aanmelding willen doen bij drie verschillende organisaties, dan moet dat nu vaak op drie verschillende manieren. Bij de een moet je het formulier op een website invullen. Bij de ander moet je eerst bellen bijvoorbeeld, of een afspraak maken om de aanmelding vooraf te bespreken. Dus ik ken gemeenten én jeugdbeschermers die hier overwegend positief over zijn, omdat het aan hun kant echt iets gaat oplossen.”

Met één landelijk formulier ontstaat meer uniformiteit in het hele proces. Bovendien kan een bestaande aanmelding eenvoudig worden aangepast wanneer een jeugdige doorstroomt naar een andere vorm van hulp. “Het zou mooi zijn als je het ook door de hele keten door kunt gebruiken. Dan hoef je niet steeds helemaal opnieuw te beginnen, maar pas je het gewoon aan.” Volgens Spenkelink draagt dat uiteindelijk ook bij aan betere samenwerking. “Als dadelijk iedereen hiermee werkt krijg je meer gezamenlijk taalgebruik. Dus je begrijpt elkaar ook sneller en beter.”

Niet zozeer het formulier zelf, maar de manier waarop het wordt gebruikt maakt het verschil

Een belangrijk inzicht uit de praktijk is dat het succes van het Landelijk Aanmeldformulier niet zozeer wordt bepaald door het formulier zelf. “Het kost minder tijd om hetzelfde werk te doen. Daar wordt iedereen enthousiast van.” Maar dan moet het formulier wel goed worden ingevuld. Gebeurt dat niet, dan moeten zorgaanbieders alsnog bellen of aanvullende informatie opvragen. Daarmee gaat een deel van de tijdswinst verloren. Goede uitleg aan verwijzers blijkt daarom minstens zo belangrijk als het formulier zelf. 

Het formulier vervangt volgens Spenkelink ook niet het goede gesprek dat je met elkaar voert, maar het maakt het gesprek vooral beter. “Dit is echt ondersteunend aan het voeren van het goede gesprek. (…) Ik zie het wel echt als een hulpmiddel. Het is niet een doel op zich, maar het moet juist het gesprek tussen aanmelden en ontvanger makkelijker maken.”

Het formulier is ondersteunend aan het voeren van het gesprek. Juist doordat de basisinformatie compleet en eenduidig wordt gedeeld, ontstaat meer ruimte voor waar het uiteindelijk om draait: samen bepalen welke ondersteuning een kind of gezin nodig heeft. Minder administratie dus, maar vooral meer tijd voor passende zorg.

Begin niet met een zorgproduct, maar met de hulpvraag

Een andere belangrijke verandering is de manier waarop naar een aanmelding wordt gekeken. In plaats van direct een specifiek zorgproduct aan te vragen, beschrijft de verwijzer eerst de situatie van het gezin en de hulpvraag. Pas daarna bepaalt de zorgaanbieder welke ondersteuning het beste aansluit. “Ik heb eigenlijk veel liever dat de verwijzer aanmeldt met: ‘dit is er aan de hand’. Dat wij dan kunnen meedenken over welke hulpaanbod hierbij het best aansluit.” Volgens Spenkelink sluit dat beter aan bij de expertise van beide partijen. “De verwijzer en het gezin, zij zijn op dat moment even expert over wat er aan de hand is. En wij zijn expert over wat wij in huis hebben en welke hulp het beste aansluit.”

Waarom de implementatie in Hart van Brabant soepel verliep

Bij Sterk Huis verliep de implementatie van het landelijk aanmeldformulier relatief eenvoudig. Dat kwam niet vanzelf, maar het management sprak vanaf het begin duidelijk uit dat de organisatie met het Landelijk Aanmeldformulier ging werken. Zo ontstond duidelijkheid over de gekozen richting. “Het helpt als een bestuurder of managementteam of wie dan ook besluit en uitstraalt: we gaan dit doen.” Daarnaast werd steeds uitgelegd waarom de verandering nodig was. “Wat ik heel vaak merk bij veranderingen, dat wordt aangekondigd ‘we gaan dit vanaf nu zo doen’. Zonder dat daar context aan wordt gegeven. Over wat de aanleiding is en wat kan het opleveren.” Volgens Spenkelink hielp juist die uitleg om medewerkers mee te krijgen bij de implementatie van het aanmeldformulier.

Ook de toolkit is van grote waarde bij het implementatieproces. Spenkelink legt uit: “Er is vanuit Jeugdzorg Nederland een toolkit samengesteld voor gemeenten en voor zorgaanbieders. Daarin staat stap voor stap wat je moet doen. Je hoeft bijna niet meer zelf na te denken. Volg de stappen, dat vergemakkelijkt het proces. Dat werkt super goed.”

Samen werken aan één manier van aanmelden

Een jaar werken met het landelijk aanmeldformulier laat zien dat het aanmeldformulier meer is dan een nieuw formulier: het helpt om sneller informatie te delen, vermindert onnodige administratieve lasten en zorgt ervoor dat professionals meer tijd overhouden voor waar het uiteindelijk om draait: passende ondersteuning voor kinderen en gezinnen. 

Tegelijkertijd blijkt uit de praktijk dat het succes niet alleen afhangt van het formulier zelf, maar vooral van de manier waarop organisaties het invoeren en gebruiken. Met bestuurlijk draagvlak, goede uitleg, aandacht voor de kwaliteit van de aanmeldingen en ruimte om ervaringen te blijven delen, groeit het Landelijk Aanmeldformulier uit tot een gezamenlijke werkwijze die de samenwerking in de hele keten versterkt. Zo wordt één landelijk aanmeldformulier niet alleen een administratieve verbetering, maar vooral een gezamenlijke stap naar betere samenwerking en sneller passende zorg voor kinderen en gezinnen.

Vijf lessen uit de praktijk

1. Leg altijd uit waarom je verandert

Mensen accepteren een nieuwe werkwijze sneller wanneer duidelijk is wat het oplevert en welk probleem wordt opgelost.

2. Zorg voor bestuurlijk draagvlak

Een duidelijke keuze van bestuur of management voorkomt onduidelijkheid en versnelt de implementatie.

3. Besteed aandacht aan de kwaliteit van het invullen

Een goed formulier voorkomt extra telefoontjes en aanvullende informatieverzoeken.

4. Gebruik de implementatietoolkit

De implementatietoolkit neemt je stap voor stap mee in een succesvolle introductie van het formulier. 

5. Blijf samen verbeteren

Reflecteer met elkaar, bijvoorbeeld na een aanmelding. Blijf samen verbeteren, zodat het formulier een middel blijft om het doel te bereiken: zo snel mogelijk de juiste hulp kunnen bieden. 

Meer informatie staat op de pagina Landelijk Aanmeldformulier Jeugd en op de website van Jeugdzorg Nederland.


Vrouw spreekt een groep mensen toe in een vergaderzaal

Terugblik Hackathon Hoofd- Onderaannemerschap: Proof of Concept

Op woensdag 20 mei werkten we tijdens een mooie, interactieve en productieve dag samen met professionals aan het veld aan een paar belangrijke verbeteringen en aanscherpingen die van grote waarde zijn voor het sociaal domein. De sessies maken onderdeel uit van de Hackathon i-Sociaal Domein, waarin we met een multidisciplinair team werken aan ons doel: het verminderen van administratieve complexiteit en het verlagen van kosten zodat er meer tijd overblijft voor kwalitatieve zorg. Vanuit het project Landelijk Aanmelding en Registratie Route (LARR) werkten we aan de digitalisering van het landelijk aanmeldformulier Jeugdhulp. Ook gingen we met zorgaanbieders aan de slag voor verbeterde ondersteuning van hoofd- en onderaannemerschap binnen het sociaal domein. De sessies leverden belangrijke inzichten en handvatten voor aanscherping op. 

Terugblik Hackathon LARR: eerste stappen naar digitale uitwisseling
Vanuit het project Landelijk Aanmelding en Registratie Route (LARR) werkten samen met verwijzers, jeugdhulpaanbieders en softwareleveranciers aan de digitalisering van het landelijk aanmeldformulier Jeugdhulp. Het landelijk aanmeldformulier dat in 2025 is geïntroduceerd, heeft de aanmeldwijze gestandaardiseerd, maar wordt momenteel nog op papier gebruikt. Vanuit het veld is de behoefte groot om het proces verder te vereenvoudigen en administratieve lasten nog verder te verlagen door digitalisering van het formulier. Tijdens de hackathon is in twee deelsessies verkend wat hiervoor nodig is.

Belangrijkste inzichten van de Hackathon LARR

  • Meerwaarde digitalisering: minder administratieve lasten, veiligere uitwisseling en beter wachtlijstbeheer
  • Aandachtspunten: benodigde commitment van alle partijen, toegankelijkheid voor kleinere aanbieders en zorgvuldig omgaan met bredere (1:N) uitvragen
  • Procesvraagstukken: onder andere rond samenwerking, spelregels, aanpalende processen en standaardisatie van reacties
  • Technische randvoorwaarden: verdere uitwerking van specificaties, centrale inrichting van authenticatie en autorisatie, gebruik van standaarden en aansluiting van samenwerkingsverbanden

Vervolgstappen na de Hackathon LARR: Proof of Concept
De uitkomsten bevestigen dat een praktijktoets (Proof of Concept) de volgende stap is. Hierin wordt onder realistische omstandigheden getoetst hoe digitale samenwerking kan functioneren én wat deze oplevert. Voorafgaand hieraan is een voorbereidingsfase nodig, waarin de belangrijkste bedrijfsmatige, juridische en technische vraagstukken integraal worden uitgewerkt. In juni en juli werken we samen met betrokken partijen dit vooronderzoek verder uit. Dit vormt de eerste stap naar structurele digitale uitwisseling van het landelijk aanmeldformulier.

Terugblik Hackathon Hoofd- Onderaannemerschap: Proof of Concept
Samen met zorgaanbieders zoals BrabantZorg, Jadoz Zorg en Partners in Jeugd, VECOZO gingen we aan de slag en werkten we aan het verder concretiseren van de requirements voor betere ondersteuning van hoofd- en onderaannemerschap binnen het sociaal domein. Met behulp van interactieve mock-ups hebben belangrijke inzichten opgehaald en aangescherpt. Belangrijke ‘take aways’ zijn onder andere:

  • het eenduidig vastleggen van contracten inclusief bijbehorende tarieven
  • het beschikbaar stellen en beheren van nieuwe tarieven
  • het registreren van producten, inclusief productperiode en locatie

Op de hoogte blijven van nieuwe stappen na de hackathons? Houd onze site in de gaten!

Voortgangsmeting: Gemeenten volop bezig met implementatie Contractstandaarden Jeugd en Wmo

Steeds meer gemeenten werken met de Contractstandaarden Jeugd en Wmo. Dat blijkt uit de nieuwste voortgangsmeting van het Ketenbureau i-Sociaal Domein. Inmiddels heeft 71% van de gemeenten de Contractstandaarden Jeugd ingevoerd voor minimaal één zorgvorm. Voor de Contractstandaarden Wmo geldt dat 44% van de respondenten, 146 gemeenten, deze binnen 15 maanden na invoering al heeft geïmplementeerd.

Groei in gebruik Contractstandaarden Jeugd
Het Ketenbureau i-Sociaal Domein voert sinds twee jaar voortgangsmetingen uit naar het gebruik van de Contractstandaarden Jeugd. Uit de eerste meting bleek dat minimaal 39% van de gemeenten de standaarden toepaste bij nieuwe aanbestedingen of verlengingen van contracten.

Bij de tweede voortgangsmeting, begin vorig jaar, gaf 60% van de gemeenten aan de Contractstandaarden Jeugd te gebruiken voor minimaal één zorgvorm. De nieuwste meting laat opnieuw een duidelijke stijging zien: inmiddels past 71% van de gemeenten de standaarden toe. Daarnaast blijkt uit de resultaten dat alle gemeenten inmiddels bekend zijn met de Contractstandaarden Jeugd en Wmo.

Aandachtspunten blijven bestaan
Hoewel de resultaten positief zijn, blijft er volgens het Ketenbureau nog voldoende werk te doen. Zo worden contracten nog niet altijd volledig volgens de contractstandaarden opgesteld en loopt het gebruik van de juiste versies achter. Ook ervaart het Ketenbureau nog onvoldoende betrokkenheid van (zorg)aanbieders.

Tegelijkertijd zijn er duidelijke signalen dat gemeenten bereid zijn om verder met de contractstandaarden aan de slag te gaan. Veel contracten lopen af vóór 1 januari 2028, waardoor er de komende jaren veel nieuwe implementatiemomenten aankomen. Ook is de bekendheid van het ondersteuningsaanbod van het Ketenbureau hoog: 69% van de gemeenten kent het ondersteuningsaanbod voor Jeugd en 92% voor Wmo.

Blijven stimuleren, ondersteunen en onderzoeken
Het Ketenbureau blijft gemeenten en (zorg)aanbieders de komende periode ondersteunen bij de implementatie van de Contractstandaarden Jeugd en Wmo. Daarbij ligt de focus op het stimuleren van correct gebruik van de standaarden, het toepassen van de juiste versies en het vergroten van de betrokkenheid van alle partijen. De komende tijd gaat het Ketenbureau ook de effecten meten van het gebruik van de contractstandaarden.

Implementatie LARR bij gemeenten uitgelicht: Uitvoeringstoets Landelijke aanmeld- en registratieroute (LARR)

Hoe hebben gemeenten hun aanmeldproces richting (specialistische) jeugdhulp ingericht? Daarover gingen we in gesprek met ruim tien gemeenten. Deze gesprekken leverden waardevolle inzichten op. De gesprekken leverden ook nieuwe vragen op. Om deze verder te verkennen, starten we op dinsdag 30 juni en dinsdag 7 juli een werkgroep. Tijdens deze bijeenkomsten gaan gemeenten, aanbieders en andere betrokkenen samen in gesprek over de toekomst van het LARR en een efficiënte aanmeldroute in de jeugdzorg.

Landelijk Aanmeldformulier vergemakkelijkt het aanmeldproces jeugdzorg
Iedere gemeente staat voor de uitdaging om het proces zo soepel mogelijk te laten verlopen, met oog voor een brede analyse en een integrale aanpak: doen wat nodig is, samen met gezin en kind. Hoewel gemeenten dit op verschillende manieren organiseren, is er één moment dat overal terugkomt: zodra (specialistische) jeugdzorg nodig is, moet een passende zorgaanbieder worden gevonden. Juist op dat punt biedt het LARR de juiste ondersteuning. Het LARR is een belangrijke vooruitgang: één uniform formulier waarin de hulpvraag centraal staat en alleen de informatie gedeeld wordt die nodig is voor een zorgaanbieder om te bepalen of zij de passende jeugdzorg kunnen bieden.

Nieuwe vragen, vervolgstappen en twee bijeenkomsten
De gesprekken met gemeenten bieden waardevolle inzichten en brengen ook nieuwe vragen naar voren. Is het LARR bijvoorbeeld altijd nodig, ook wanneer al duidelijk is welke aanbieder de zorg gaat leveren? Of zou een ‘LARR light’ een goede aanvulling kunnen zijn? En welke rol kan AI spelen bij gegevensuitwisseling en het verminderen van administratieve lasten? 

Om deze vragen verder te verkennen, starten we op dinsdag 30 juni en dinsdag 7 juli een werkgroep. Tijdens deze bijeenkomsten gaan gemeenten, aanbieders en andere betrokkenen samen in gesprek over de toekomst van het LARR en een efficiënte aanmeldroute in de jeugdzorg.

Meedenken en meedoen met het LARR
Interesse om mee te denken? Meld je dan aan voor één van de twee werkgroepen door een mail te sturen naar eefje.klijberg@i-sociaaldomein.nl

  • Werkgroep digitale uitwisseling met AI. Deze vindt plaats op dindsag 30 juni van 12 tot 16 uur in Utrecht. 
  • Werkgroep optimalisatie formulier. Deze vindt plaats op dinsdag 7 juli van 09.00 tot 13.00 uur in Utrecht.

Van versnippering naar één standaard: denk mee over minder regeldruk in de jeugdzorg

De administratieve lasten in de jeugdzorg zijn nog altijd te hoog en goede, vergelijkbare data ontbreken vaak. Daarom is in de Hervormingsagenda Jeugd afgesproken om te standaardiseren. We werken toe naar één landelijke set producten, definities en regels voor in ieder geval de gespecialiseerde jeugdzorg. Zodra deze set gereed is, wordt het gebruik ervan verplicht voor gemeenten en aanbieders. Om dit te realiseren is een programmateam standaardisatie gestart, waarin jeugdzorgaanbieders, gemeenten, het Rijk en experts, onder andere vanuit het Ketenbureau, samenwerken. De afgelopen periode hebben we een eerste model en aanpak ontwikkeld. Ook zijn we begonnen met trajecten die onnodig veel tijd vragen van jeugdzorgaanbieders en gemeenten, zoals kostprijsonderzoeken en wachttijdmetingen. De volgende stap is cruciaal: hoe zorgen we dat deze standaardisatie écht leidt tot minder administratieve lasten en goed aansluit op de praktijk? Welke knelpunten moeten we nu aanpakken? 

Praat mee tijdens de Regiodagen
Kom naar de workshop of het spreekuur van het ministerie van VWS en geef aan waar jij in de praktijk tegenaan loopt. Samen maken we de stap naar minder administratief gedoe en meer tijd voor de zorg zelf.

  • Hoe vereenvoudigen we het Sociaal Domein? 
  • Spreekuur standaardisatie in de praktijk 

Met sprekers Andries Daudey en Jan Jaap Janse van VWS en Sander Olsthoorn van het Ketenbureau i-Sociaal Domein.

Klik hier voor het volledige programma van de Regiodagen.

Sfeerimpressie inspiratiebijeenkomst Eenheid van taal

Samen bouwen aan Eenheid van Taal: verslag en presentaties nu online

Op 19 maart organiseerden we de inspiratiebijeenkomst ‘Samen bouwen aan Eenheid van Taal’. De fragmentatie in taal leidt momenteel tot dubbele registraties en onnodige administratieve lasten. Een gedeeld begrippenkader is hierbij dé fundamentele voorwaarde voor betrouwbare gegevensuitwisseling. Lees het verslag en bekijk de presentaties van Louise Witteman (Nictiz), Arjen Brienen (Ketenbureau i-Sociaal Domein) en Andries Daudey (Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport)

Ketenbureau on Tour 2026: vraaggericht, dichtbij en direct toepasbaar

In 2026 gaan we het land in met een vernieuwd programma: vraaggericht, flexibel en afgestemd op jouw praktijk. Tijdens  Ketenbureau on Tour bezoeken onze implementatieadviseurs gemeenten en zorgaanbieders door het hele land, met een programma dat aansluit op jullie specifieke vragen en uitdagingen. 

In 2025 organiseerden we al roadshows als onderdeel van ons ondersteuningsaanbod rond de implementatie van contractstandaarden. We beantwoordden vragen, deelden praktijkverhalen en haalden op wat er leeft in de regio. Die inzichten hebben we gebruikt om ons programma verder te versterken. Dit jaar kiezen we nog meer voor maatwerk. Per bezoek stemmen we het programma vooraf af met de ontvangende gemeente/regio of zorgaanbieder(s), op basis van de vragen en behoeften die er spelen waardoor de invulling van elk bezoek kan verschillen. 

Op 25 maart jl. was de kick-off bij een inkooporganisatie in Zeeland en binnenkort zullen wij de gemeente Den Haag bezoeken. 

Wil jij je opgeven voor het Ketenbureau on Tour en ontvang jij graag onze implementatieadviseurs binnen jouw gemeente/organisatie? Stuur dan een mail naar implementatieadvies@i-sociaaldomein.nl

Regiodagen Ketenbureau 2026

Met het thema ‘Verbind met de keten, versterk je kennis’, organiseren we ook dit jaar drie Regiodagen.

Eindhoven: dinsdag 26 mei

Almelo: donderdag 4 juni

Leiden: dinsdag 9 juni

Tijdens de Regiodagen krijg je meer inzicht in hoe gemeenten, aanbieders en ketenpartners in het sociaal domein (Wmo en Jeugdwet) omgaan met de uitdagingen van het moment en hoor je meer over de oplossingen die ze hebben gevonden. Er zijn sessies over onder meer zorgadministratie, contractmanagement, taakgericht werken, trends in inkoop, PGB2 en er is een sessie met het ministerie van VWS. Ook kun je vragen stellen aan onze implementatieadviseurs, kennismaken met onze Chatbot voor iStandaarden en administratieprotocol en is er een spreekuur over contractstandaarden. Dit jaar is er nog meer tijd om elkaar te ontmoeten: op verschillende momenten van de dag is er volop gelegenheid om je collega’s uit de regio te spreken en nieuwe collega’s te leren kennen.

De Regiodagen zijn voor professionals van gemeenten en zorgaanbieders, zoals onder andere:
✔️contractmanagers
✔️beleidsmedewerkers
✔️inkopers van gemeenten
✔️verkopers van zorgaanbieders
✔️zorgadministratie- en backofficemedewerkers
✔️data- en informatieanalisten

Maak je keuze voor een dag/locatie en schrijf je nu in voor de regiodagen.

Afbeelding van omslag jaarplan 2026

Zo helpen we gemeenten en zorgaanbieders in 2026: ons jaarplan in het kort

Ook het komend jaar ondersteunen we als Ketenbureau gemeenten en zorgaanbieders bij Wmo en Jeugdwet. Dit betekent concreet: vermindering van administratieve lasten, verbetering van gegevensuitwisseling en versterking van de samenwerking tussen gemeenten en zorgaanbieders, zodat processen eenvoudiger en efficiënter worden. Op deze manier versterken we het partnerschap tussen gemeenten en zorgaanbieders in de Wmo en Jeugdwet en bevorderen we de onderlinge samenwerking.

Onze 3 belangrijkste speerpunten in 2026:
– stimuleren #ketensamenwerking
– ondersteunen #contractmanagement
– #uniformeren van definities en begrippen

Het hele jaar door organiseren we bijeenkomsten zoals hackathons, Regiodagen, webinars, inspiratiebijeenkomsten, inloopspreekuren, Ketenregie-overleggen, de Week van de Standaarden en het Ketenbureau on Tour.
Sluit vooral aan! We gaan graag met je in gesprek, denken met je mee en beantwoorden al je vragen. 

Wat onze inzet in 2026 concreet oplevert voor gemeenten en zorgaanbieders
Het #Ketenbureau vertaalt grote beleidsontwikkelingen naar werkende oplossingen in het sociaal domein, met als doel kennisgedreven samenwerking binnen de keten.

Benieuwd naar de volledige uitwerking van onze plannen? Download het Jaarplan 2026.

Volle webinars en feestelijke afsluiting Week van de Standaarden

Met de overhandiging van het boekje ’10 jaar i-Sociaal Domein’ aan 5 panelleden sloot het Ketenbureau i-Sociaal Domein tijdens een feestelijke bijeenkomst de Week van de Standaarden af. Met 22 webinars bood de Week van de Standaarden dit jaar een rijk en gevarieerd programma. Vanuit alle perspectieven werd gekeken naar standaardisatie in het sociaal domein: van praktijk tot beleid, en van het hier en nu tot toekomstvisies.  
 
Landelijke spelers aan bod 
De aftrap van de week stond in het teken van het Landelijk Aanmeldformulier Jeugdhulp, met een webinar over het nut en de noodzaak ervan. Ook thema’s als de Hervormingsagenda Jeugd en de rol van standaardisatie bij het verminderen van administratieve lasten kwamen aan bod. Voor het eerst tijdens de jaarlijkse Week van de Standaarden kwamen landelijke spelers samen, zoals Nictiz, Vecozo en ZIN. Deze organisaties spelen een belangrijke rol in standaardisatie. Tijdens de sessie “Tussen standaarden gebeurt het” werd ontrafeld hoe standaarden zich tot elkaar verhouden. De toekomst van informatie-uitwisseling stond centraal in het webinar “Verder met Vernieuwing Informatie-uitwisseling Sociaal Domein”. Deelnemers werden bijgepraat over hoe gegevens straks slimmer en veiliger gedeeld kunnen worden via een netwerkmodel. 

Zorgadministratie en berichtenverkeer meest bezocht 
In het webinar over partnerschap vertelden gemeenten en zorgaanbieders hoe zij in de praktijk samenwerken. Die samenwerking werd tastbaar gemaakt in het meest bezochte webinar van de week, “Zorgadministratie in de praktijk”, waarin het berichtenverkeer tussen partijen centraal stond. Over dit thema werden twee webinars gehouden: eentje voor beginners en eentje voor gevorderden; met in totaal ruim 700 inschrijvingen. Met ruim 3.500 deelnemers in totaal mogen we spreken van een zeer geslaagde editie.

Webinars terugkijken? 
Alle deelnemers ontvangen binnenkort bericht zodra de webinars online terug te kijken zijn. 

Was je er niet bij maar wil je wel een seintje krijgen als alle informatie online staat? Schrijf je dan in voor de nieuwsbrief. Als abonnee op de nieuwsbrief blijf je automatisch op de hoogte van nieuws vanuit het Ketenbureau i-Sociaal Domein.