Ga snel naar

Implementatieadvies
Vragen over inkoop, contract-management, uitvoering of verantwoording? Neem contact op met onze implementatie-adviseurs.
Mail naar Implementatieadvies@i-
Accountantsprotocol financiële verantwoording Jeugdwet en Wmo
Het landelijk accountantsprotocol financiële verantwoording Wmo en Jeugdwet ondersteunt de financiële controle op de geleverde en gedeclareerde Zorg in natura. Het protocol helpt gemeenten en zorgaanbieders om hun administratieve lasten te beperken door te zorgen voor een eenduidige, uniforme financiële productieverantwoording en accountantscontrole voor zorgaanbieders.
Accountants van aanbieders stellen hun controleverklaring over de productieverantwoording van aanbieders aan de hand van dit protocol op. De werkgroep COPRO (NBA) heeft het protocol goedgekeurd en geregistreerd onder nummer 24040.
Update handreiking productieverantwoording 1 oktober 2026
Het is alweer even geleden dat we een update verzonden over de ontwikkeling van een handreiking voor de productieverantwoording jeugdhulp en Wmo waarbij geen controleverklaring wordt afgegeven. Het concept van die handreiking is nu klaar en we brengen je via dit nieuwsbericht graag op de hoogte. Daarvoor staan we eerst nog even stil bij
wat de aanleiding was. Vervolgens lichten we toe hoe de conceptversie tot stand is gekomen en op hoofdlijnen de inhoud van de handreiking. We sluiten af met een blik op het vervolgproces
Aanleiding
Sinds 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de uitvoering van de Jeugdwet en de Wmo. Er is toen een standaard accountantsprotocol opgesteld voor de financiële productieverantwoording door aanbieders van jeugdhulp en Wmo-diensten én de controle daarvan door een accountant. Aanbieders met een omzet onder een bepaalde grenswaarde vallen buiten de scope van dit protocol. Zij moeten wel hun productie verantwoorden maar hoeven die niet te laten toetsen door een accountant. Deze grenswaarde was tot 2024 een gerealiseerde omzet van in totaal €125.000 aan jeugdhulp of Wmo. Vanaf de jaarverantwoording over 2025 is die grenswaarde verhoogd naar €200.000 omdat er signalen waren dat in het Uniform Subsidie Kader (USK) de grenswaarde voor 2026 verhoogd zou worden naar €300.000. Het protocol volgt namelijk de USK-norm. Tot nu toe bepaalde elke gemeente zelf hoe ze omgaan met de controle van de aanbieders onder die omzetgrens. Daar komt met ingang van 2027 verandering in omdat er naast het accountantsprotocol een handreiking komt die hiervoor is bedoeld. Deze handreiking is een hulpmiddel voor gemeenten en stimuleert gemeenten om een landelijk uniforme werkwijze te hanteren.
Totstandkoming
De afgelopen maanden heeft het Ketenbureau i-Sociaal Domein flinke stappen gezet in de actualisatie van het accountantsprotocol en de ontwikkeling van de beloofde handreiking voor aanbieders die onder de omzetgrens vallen. We hebben dat zo zorgvuldig mogelijk proberen te doen.
1. We hebben om te beginnen meerdere voorbeelden opgehaald uit het land, die laten zien hoe ‘anders verantwoorden’ in de praktijk vorm krijgt. Deze voorbeelden dienden als inspiratie.
2. Een werkgroep bestaande uit een aantal gemeenten, aanbieders en enkele experts, hebben uitgangspunten geformuleerd en vervolgens een werkwijze bedacht die aansluit bij het in 2019 gepubliceerde ‘Stappenplan gemeentelijke controle-aanpak’. Die uitgangspunten en werkwijze vormen de basis voor de handreiking.
3. Een klankbordgroep met daarin een brede vertegenwoordiging van gemeenten, aanbieders, controllers en accountants heeft meegelezen met het concept. Dit leverde waardevolle inzichten op, zoals dat er aandacht moet zijn voor de uitvoerbaarheid en toekomstbestendigheid van de voorgestelde aanpak. Dit betekent dat de handreiking in 2027 verder wordt uitgewerkt.
4. In een vroeg stadium is een gesprek gevoerd met accountants van de NBA (afvaardiging uit de commissies COZIEK en SDO), waarin is verkend welke vormen van zekerheid gemeenten nodig hebben wanneer geen controleverklaring meer wordt afgegeven. Recent is met hen de conceptversie van de handreiking doorgenomen. Ook daaruit kwam waardevolle feedback. Zo is besloten om de eerder genoemde USK-norm voor het vaststellen van de in het protocol genoemde grenswaarde te laten vallen. Dit betekent dat de omzetgrens voorlopig op €200.000 blijft staan. Het uitgangspunt is dat de groep die onder deze grens valt ongeveer gelijk moet blijven qua samenstelling. Periodiek wordt beoordeeld of dit betekent dat die grens aangepast moet worden.
Resultaat: de inhoud van de handreiking
In de handreiking wordt een vierstappenmodel beschreven:
Stap 1: Bepalen op welke gecontracteerde aanbieders de handreiking van toepassing is.
Stap 2: Uitvoeren van een risico-analyse op basis van een aantal criteria; dit resulteert in een risico-inschatting (laag, midden, hoog risico) per aanbieder.
Stap 3: Inzetten van proportionele maatregelen/controles, passend bij het risicoprofiel.
Stap 4: Vastleggen/rapporteren van het resultaat en hoe er wordt omgegaan met resterende onzekerheid.
Het bijzondere van de handreiking is dat het gebruik van de daarin opgenomen werkwijze niet beperkt hoeft te worden tot aanbieders met een omzet onder de grenswaarde van €200.000. Gemeenten kunnen er, in overleg met hun accountant, voor kiezen om deze werkwijze voor een grotere groep of zelfs voor alle aanbieders te hanteren.
We denken dat het haalbaar is om de handreiking eind oktober te publiceren, gelijktijdig met de nieuwe versie van het accountantsprotocol. Dit is afhankelijk van de afronding van het totstandkomingsproces (zie volgende punt).
Vervolgproces
Er staat nog één werkgroepoverleg gepland waarin de puntjes op de i worden gezet met betrekking tot de eerste te publiceren versie van de handreiking. We hebben al feedback ontvangen op het concept maar verwachten binnenkort nog meer. Deze feedback gaan we zoveel mogelijk verwerken. Een deel van de feedback leidt tot een nadere uitwerking en kan dus pas in een volgende versie worden meegenomen.
We denken na over hoe we de uitvoering van het vierstappenmodel in de handreiking kunnen faciliteren. Zo wordt gedacht aan het ontwikkelen van een webtool voor het uitvoeren en overzichtelijk vastleggen van de risico-analyse (stap 2 en stap 4). In 2027 willen we bij tenminste twee gemeenten en een regionaal samenwerkingsverband volgen hoe de uitvoering van de handreiking in de praktijk verloopt. Daarnaast volgen we graag de bruikbaarheid van tools die in de markt bestaan en ontstaan, zoals een platform waarin aanbieders hun basisgegevens beschikbaar kunnen stellen aan alle gemeenten met wie ze een contract hebben. In een volgende nieuwsupdate volgt meer informatie hierover.
Tot slot nog een paar voorgenomen besluiten over het accountantsprotocol, waarover we je graag alvast informeren:
- De geactualiseerde versie gaat betrekking hebben op de komende twee jaren, dus niet alleen voor de verantwoording van 2026 maar ook voor die van 2027.
- In het najaar van 2027 wordt opnieuw een geactualiseerde versie gepubliceerd maar die heeft betrekking op het jaar 2028. Vanaf dat moment is de nieuwe versie van het protocol dus altijd ruim een jaar van tevoren bekend in plaats van een paar maanden.
- De grenswaarde voor de omzet blijft voor 2026 en 2027 op €200.000 staan.
Het conceptprotocol ligt op dit moment nog ter beoordeling voor aan de werkgroep Controleprotocollen (COPRO) van de NBA. Dus de genoemde aanpassingen zijn nog onder voorbehoud.
Vragen?
Met vragen en suggesties kun je bij ons terecht, bij voorkeur via mail: ketenbureau@i-sociaaldomein.nl.
Coulance kleine aanbieders
We adviseren gemeenten de verplichte aanlevering van een door de accountant ondertekende controleverklaring in de volgende situaties achterwege te laten:
- Als de omzet lager is dan € 200.000 (separaat voor Wmo of Jeugdwet), al dan niet gerealiseerd bij meerdere gemeenten. Let wel: de aanbieder moet in deze situatie zelf vragen of een productieverantwoording zonder controleverklaring voldoet, omdat de gemeente de totaalomzet van een aanbieder niet kent.
- Bij aanbieders die bij één gemeente een kleine omzet hebben. De daarvoor te hanteren grens voor materialiteit in de accountantscontrole van de gemeente, moet door elke gemeente zelf vastgesteld worden.
Toekomst accountantsprotocol
Op 12 februari 2026 vond het webinar ‘De toekomst van het accountantsprotocol’ plaats.
Terugkijken webinar
Je kunt dit webinar hieronder terugkijken.
Downloads
- Download de presentatie van het webinar Toekomst van het accountantsprotocol (slides als pdf)
- Download de Q&A ‘s van het webinar (pdf)
Veelgestelde vragen
Ja, de aanbieder vult voor zowel de Wmo als de Jeugdwet een apart verantwoordingsformulier in. Download de formats hier onder bij 'Bestanden en links'.
We streven ernaar om de verantwoordingsformats elk jaar in november te publiceren.
De omzetgrens heeft betrekking op het totaalbedrag per domein. Dus € 200.000 voor Jeugd en als dat van toepassing is € 200.000 voor Wmo. Dus niet de omzet per afzonderlijke gemeente maar alles bij elkaar.
Dit bedrag is gekoppeld aan het accountantsprotocol bij de kaderregeling subsidies van OCW, SZW en VWS. Als de drempelbedragen daar worden geïndexeerd, ligt het in de rede dat ook te doen bij het uitvoeren van de verantwoording en controle op basis van Landelijk accountantsprotocol.
Het landelijk accountantsprotocol (de financiële productieverantwoording Jeugdwet en Wmo 2015) heeft alleen betrekking op de geleverde en gedeclareerde of te declareren jeugdhulp en maatschappelijke zorg en ondersteuning. Hulpmiddelen vallen buiten de reikwijdte van het protocol.
Bestanden en links
Controle protocol