Vanaf woensdag 1 april: implementatie release iPgb 2.3

Vanaf volgende week woensdag 1 april wordt Release iPgb 2.3 geïmplementeerd. Zoals bij elke implementatie van een Release van een berichtenstandaard zijn er werkzaamheden nodig. Ook is het nodig om het berichtenverkeer van de “oude” standaard stil te zetten, om daarna in de nieuwe standaard verder te kunnen gaan. 

We vragen gemeenten, Zorgkantoren en VWS om zich te houden aan de gemaakte afspraken die in het draaiboek migratie iPgb 2.0 naar 2.3 van het Zorginstituut staan. Het gaat om de volgende afspraken:

Tijdlijn van de implementatie:

  • Fase 1: Afsluiting van iPgb 2.0
    Maandag 30 maart 2026, 09:00 uur – 17:00 uur
    In deze fase wordt het berichtenverkeer van iPgb 2.0 gecontroleerd afgebouwd en afgesloten. 
    09:00 : stop verzending JW/WMO/WLZ 501/507 berichten
    17:00 : stop verzending JW/WMO/WLZ 502/508 berichten
  • Fase 2: Tijdelijke onderbreking van het berichtenverkeer
    Maandag 30 maart, 17:00 uur – woensdag 1 april, 09:00 uur
    Tijdens deze periode is er geen berichtenverkeer mogelijk tussen gemeenten, zorgkantoren en het MijnPgb-portaal vanwege technische werkzaamheden door BIDN/VECOZO en VWS. 
  • Fase 3: Start van iPgb 2.3 berichtenverkeer
    Woensdag 1 april, 09:00 uur
    Vanaf dit moment wordt het berichtenverkeer hervat volgens de nieuwe iPgb 2.3 standaard. Alleen berichten volgens deze nieuwe standaard kunnen worden verzonden en verwerkt. Meer informatie over de vrijgave van iPgb 2.3 zetten we op onze site op het moment dat de infrastructuur iPgb 2.3 actief staat.

Regio Alkmaar past landelijke administratieprotocollen succesvol toe

“Heldere afspraken tussen gemeenten én aanbieder”. 
 Als fervent voorstander van de landelijke Standaard Administratieprotocollen (SAP’s), pleit Jordy Wals voor nóg strakkere afspraken. “Minder keuzes betekent meer duidelijkheid, zodat de samenwerking tussen gemeenten en zorgaanbieders verbetert”, aldus de bevlogen informatiemanager Sociaal Domein in Netwerkorganisatie Regio Alkmaar (NORA). 
 
Gemeenten en zorgaanbieders wisselen gegevens uit via de  iStandaarden (iWmo en iJW). Om te zorgen dat iedereen deze standaarden op dezelfde manier toepast, zijn SAP’s  ontwikkeld door het  Ketenbureau i-Sociaal Domein. Het gebruik van deze protocollen zorgt voor duidelijke afspraken over administratieve en financiële processen, de kans op fouten neemt af en het levert tijdsbesparing op. Kortom: minder administratieve rompslomp, meer eenduidigheid. De SAP’s zijn op landelijk niveau ontwikkeld in samenwerking met gemeenten én zorgaanbieders. Hoe werken deze in de praktijk en hoe ervaren gemeenten het gebruik ervan? In regio Alkmaar wordt al meer dan vijf jaar met SAP’s gewerkt. Jordy Wals deelt zijn ervaringen graag en wil daarmee ook andere gemeenten en regio’s inspireren tot (beter) gebruik ervan. 

 Gedreven door duidelijkheid 
“Ik ben er een beetje ingerold,” vertelt Wals lachend over zijn loopbaan in het sociaal domein. “Maar het vakgebied trok me al snel, vooral omdat het gaat over samenwerking en verbetering.” In zijn rol ondersteunt hij zes gemeenten bij de administratieve en datagedreven kant van de zorginkoop. “We doen eigenlijk alles wat contractmanagers niet doen”, zegt hij. “Wij zorgen dat de administratieve, financiële en dataprocessen soepel lopen. Dat klinkt misschien saai, maar het geeft juist ruimte aan collega’s om zich op de inhoud van de zorg te richten.” Zijn motivatie is nuchter maar bevlogen: “We doen het uiteindelijk voor de inwoner. En die merkt het vooral als het niet goed geregeld is. Als onze administratie soepel loopt, heeft niemand er last van en dat is precies de bedoeling.” Ook benadrukt Wals het belang dat zorgaanbieders goede hulp leveren aan jeugdigen, dat dat gewaarborgd is en ook wordt gecontroleerd. “SAP’s zijn bij onduidelijkheden een belangrijk naslagwerk.” 

SAP’s: houvast bij afspraken 
In regio Alkmaar wordt gewerkt met de inspanningsgerichte uitvoeringsvariant van de SAP’s. Dat betekent ondermeer duidelijke afspraken over wat wel en niet mag worden gedeclareerd, denk aan zaken als indirecte tijd of intakes. Volgens Wals is dat broodnodig. “De SAP’s geven houvast: we weten wat er afgesproken is en dat voorkomt eindeloze discussies. Maar,” voegt hij eraan toe, “Binnen de SAP’s mogen er wat mij betreft minder keuzes zijn, want keuzes kunnen tijd, geld en energie kosten. Hij gebruikt graag een metafoor: “Bij Gordon Ramsay gaat een minder goed lopend restaurant van 20 gerechten naar zes. Belangrijk om het ‘keuzemenu’ binnen de SAP’s zoveel mogelijk te beperken. Zeker voor zorgaanbieders die in meerdere regio’s actief zijn, wordt het daarmee eenvoudiger. Ook het visueel maken van de SAP’s zou bijdragen aan het gebruik ervan.” 

Het Ketenbureau als gids en geweten 
De samenwerking met het Ketenbureau i-Sociaal Domein noemt Wals “onmisbaar”. “Het is onze vraagbaak, maar ook de bewaker van de landelijke lijn. Als er iets niet goed loopt, kunnen we er terecht.” Bij het ontwikkelen van de SAP’s is goed gekeken naar de toepasbaarheid in de praktijk. Wals werkte de afgelopen jaren mee aan verschillende landelijke werkgroepen en waardeert de pragmatische houding van het Ketenbureau: “Ze helpen ons om het eenvoudiger te maken. Minder uitzonderingen, meer eenduidigheid. Dat is de enige manier om de administratieve last echt omlaag te krijgen. Ook kan ik bij de Ketenbureau-experts terecht voor vragen over hoe ik bepaalde zaken moet interpreteren. Dat is prettig.” 
 
Leren van regio Alkmaar: maak het praktisch 
Wat kunnen andere regio’s leren? “Ga er actief mee aan de slag,” zegt Wals beslist. “Gebruik de actuele SAP’s en betrek beleid, de lokale toegang en het contractmanagement. Maak de keuzes expliciet en voeg ze toe aan je contractdocumenten. Dat scheelt discussie achteraf.” Zijn tweede tip: niet opnieuw uitvinden wat al bestaat. “Sommige gemeenten bedenken eigen regels, terwijl de SAP’s daar juist een duidelijk antwoord op geven. Dan creëer je weer variatie waar je net van af wilde.” Zijn toekomstwens is helder en herhaalt: “Ik hoop dat we de komende jaren de keuzemogelijkheden in de SAP’s nog meer beperken. Dat maakt de samenwerking tussen gemeenten én zorgaanbieders eenvoudiger.” 

Voordelen SAP’s 

  • Minder administratieve lasten 
  • Minder uitval van berichten 
  • Juiste toepassing van iStandaarden 
  • Duidelijke afspraken over communicatie buiten berichtenverkeer 
  • Altijd actueel 
  • Betere samenwerking tussen gemeenten en aanbieders 

Aan de slag 
Wil je ook aan de slag met de Standaard Administratieprotocollen in jouw regio? 
Bezoek dan de website van het Ketenbureau i-Sociaal Domein voor praktische tools, actuele SAP-versies en inspirerende voorbeelden. Of maak een afspraak met één van onze implementatieadviseurs via implementatieadvies@i-sociaaldomein.nl. 

Hackathon i-Sociaal Domein: vereenvoudigd en versneld!

“Eerst gaat het schuren, dan ontstaat er chaos”, zo omschreef Robin Bertus van het Ketenbureau i-Sociaal Domein de start van een hackathon. De afgelopen twee dagen beten verschillende multidisciplinaire teams zich vast in vraagstukken uit het sociaal domein om deze te ‘hacken’. Een hackathon blijkt een goede methode om binnen korte tijd verschillende partijen aan één tafel te krijgen en toe te werken naar een concrete uitkomst. Dit is de tweede keer dat het Ketenbureau een dergelijke bijeenkomst organiseert voor en met haar partners. Vier teams werkten aan verschillende oplossingen.

Binnen het team van het Landelijk Aanmeldformulier Jeugdhulp zag je duidelijk de voordelen van hoe multidisciplinaire teams werken: “Er vonden mooie domeinoverstijgende gesprekken plaats tussen zorgdomein, sociaal domein en justitieel domein. We hebben de randvoorwaarden gedefinieerd om tot een digitale gegevensuitwisseling te komen tussen verwijzers en jeugdhulpaanbieders”, aldus Randolf Kraai van Jeugdzorg Nederland.

Het team Contractstandaarden werkte maar liefst aan twee concepten. Het eerste is een AI-chatbot die vragen van gemeenten en aanbieders over contractstandaarden Wmo eenvoudig en eenduidig beantwoordt: “We kunnen niet wachten tot we dit gaan verder testen met contractmanagers en inkopers, en daarna de chatbot gaan publiceren en doorontwikkelen voor de Jeugdwet”, aldus teamcaptain Saïd Igalla.

Het tweede concept is een contractgenerator voor contractstandaarden. Truus Vernhout presenteerde het werkende prototype dat in de twee dagen tot stand kwam: “Het is verrassend hoe snel je met een klein team van een paar inhouds- en technische deskundigen zoveel kunt bereiken!” De uitkomst: de eerste versie van een webapplicatie waarmee inkopers van gemeenten snel en eenvoudig een overeenkomst voor jeugdhulp kunnen maken die volledig voldoet aan de landelijke contractstandaard. De contractgenerator werd door de andere teams positief ontvangen: “Dit gaat heel veel werk en uren schelen”, aldus de eerste contractmanagers, die uit eigen ervaring spreken.

Bij het team Geïntegreerd informatiemodel Zorg en ondersteuning leidde de hackathon in april tot de eerste conceptversie van het Gemeenschappelijk Gegevensmodel Zorg en Ondersteuning (GIZO), dat voortbouwt op het Gemeentelijk Gegevensmodel (GGM). “Tijdens deze hackathon hebben we samen gekeken hoe we dit model verder kunnen ontwikkelen zodat het kan bijdragen aan datagedreven werken”, aldus Elly Kampert.
“Het model draagt bij aan eenheid van taal, waardoor mensen over domeinen heen elkaar beter begrijpen. Door samen te werken met het GGM, Nictiz en andere initiatieven ontstaat een model dat gebruikt kan worden om data op uniforme wijze en met uniforme betekenis beschikbaar te stellen voor meerdere toepassingen. Conclusie is dat we zeker doorgaan met de ontwikkeling van het GIZO, waarbij we als eerste de uitbreiding naar iWlz gaan oppakken en door samenwerking zorgen dat alle verschillende puzzelstukjes in elkaar passen.”

Het laatste team, Standaarden voor iPreventie, begon met het thema valpreventie. Tijdens de hackathon werd deze eerste standaard gegevensuitwisseling getoetst met softwareleveranciers en werd er gewerkt aan een nieuwe standaard om digitale uitwisseling rond preventie verder te versterken.

“Het zijn niet alleen de oplossingen van de teams die deze hackathon een succes maken. In de wandelgangen en tijdens de tussenpresentaties ontstonden ook nieuwe contacten en inzichten, en inspireerden de verschillende deelnemers elkaar met verhalen uit hun eigen praktijk.”, zegt organisator Joost Broumels van het Ketenbureau i-Sociaal Domein. Een van de deelnemers vroeg dan ook: “Wanneer wordt de volgende hackathon georganiseerd?”

Het ketenbureau wil deze manier van werken structureel gaan inbedden in haar activiteiten de komende jaren.

Tijdens de Week van de Standaarden zullen op woensdag 12 november (10.00 uur) alle teams de resultaten van de hackathon toelichten in een webinar en is er de mogelijkheid tot het stellen van vragen. Schrijf je hier in!

Landelijk Aanmeldformulier Jeugd tijdens IZO KennisJam 10 oktober

Tijdens de  IZO KennisJam op 10 oktober kwamen cliënten, zorgprofessionals, beleidsmakers en systeempartijen samen om te praten over databeschikbaarheid in de langdurige zorg en het sociaal domein. Hoe kunnen we gegevens zo delen dat ze echt bijdragen aan betere zorg en ondersteuning? Op deze dag gingen cliënten, zorgprofessionals, beleidsmakers en systeempartijen met elkaar in gesprek over databeschikbaarheid in het sociaal domein. Ook het Ketenbureau i-Sociaal Domein nam hieraan deel.  

Gezinnen vertellen één keer hun verhaal 
Eén van de jamsessies ging over het Landelijk Aanmeldformulier Jeugdhulp. Een van de acht jamsessies ging over het landelijk aanmeldformulier. Eén formulier, één verhaal: gezinnen hoeven hun verhaal maar één keer te vertellen, verwijzers en aanbieders werken met dezelfde gegevens, en informatie kan straks digitaal beschikbaar worden binnen een netwerk.  

De inzichten van deze sessie zijn waardevol voor iedereen die werkt aan betere gegevensuitwisseling: 

  • Standaardiseren vraagt samenwerking én soms concessies. 
  • Begin gewoon, en verbeter gaandeweg. 
  • Het uitwisselen van werkwijzen vergroot begrip en versterkt samenwerking. 

Meer weten? 
Wil je ook meer weten over het Landelijk Aanmeldformulier Jeugdhulp? Neem dan contact op met Eefje.Klijberg@i-sociaaldomein.nl van het Ketenbureau i-Sociaal Domein of lisanne.reuterink@bce.consulting of claire.diets@bce.consulting van Jeugdzorg Nederland. 
 

Vraag en Antwoord van de week

Jaapjunior


Het Ketenbureau is bezig met het ontwikkelen van een chatbot “Jaapjunior”. Deze chatbot geeft antwoord op vragen van gebruikers over het berichtenverkeer Jw/Wmo.

Jaapjunior moet nog veel leren. We zijn hem uitgebreid aan het testen. Hoewel Jaapjunior nu nog alleen beschikbaar is voor een beperkte groep testers, wil ik jullie toch een eerste indruk geven hoe Jaapjunior kan helpen.

Vraag van een aanbieder:
Zo kwam er vandaag een vraag binnen van een aanbieder per mail. Deze aanbieder is zeer goed op de hoogte is van de iStandaarden, maar wilde toch haar eigen gedachten toetsen bij het Ketenbureau.De letterlijke vraag is: Heeft de gemeente de declaratie van juni 2024 terecht afgekeurd? zie Casus. Ik heb de casus 1-op-1 uit de mail gekopieerd, en achter de casus geschreven: “Heeft de gemeente de declaratie terecht afgekeurd?”.

Kijk zelf of je het antwoord op de vraag weet, en lees daarna het antwoord van Jaapjunior.
Casus:
Toewijzing met 1 stuks outputgericht per week. Geldigheid toegewezen product 17-7-2023 t/m 1-7-2024.  De toewijzing eindigt dus niet op een zondag maar op een maandag. Declaratie over de maand juni 2024: 6 stuks  (5 zondagen +1). De gemeente keurt dit af en geeft aan dat dit 5 stuks zou moeten zijn.

Antwoord Jaapjunior

Jaapjunior geeft zijn antwoord, opgesplitst in delen:

  1. Interpretatie van de vraag
  2. Feitelijk antwoord (inclusief conclusie)
  3. Samenvatting

1. Interpretatie van de vraag 
U vraagt of de gemeente terecht een declaratie van 6 stuks over juni 2024 heeft afgekeurd, terwijl de aanbieder uitgaat van 5 zondagen plus 1 extra (omdat de toewijzing niet op een zondag eindigt), en de gemeente stelt dat er slechts 5 stuks gedeclareerd mogen worden. Het betreft een outputgerichte toewijzing met een frequentie van 1 per week, geldend van 17-7-2023 t/m 1-7-2024.

2. Feitelijk antwoord 
Relevante regels en invulinstructies

Uit Regels op berichten iJw release 3.2:

IV077

Hoe moet het maximaal te declareren volume berekend worden over de productperiode bij gebruik van de frequentie per week in de toewijzing?

Rekenmethode Outputgerichte toewijzing met frequentie per week.
Het maximale volume van de productperiode wordt bepaald op basis van het aantal zondagen dat binnen de productperiode ligt (plus 1 indien in die productperiode de laatste zondag van de toewijzing ligt en de einddatum van de toewijzing geen zondag is). Dit aantal wordt vermenigvuldigd met het volume uit de toewijzing.

En verder:

Methode bij Outputgerichte toewijzing
De productperiode bevat het te declareren volume van de weken waarvan de zondag valt in de productperiode.

Hierop is één uitzondering:
Indien een toewijzing niet op een zondag eindigt wordt het te declareren volume van de laatste (gebroken) week opgenomen in de productperiode waarbinnen de laatste zondag van de toewijzing valt.

Beide situaties worden met een voorbeeld toegelicht:

Voorbeeld 2 (toewijzing eindigt niet op een zondag):
Toewijzing: 11-07-2022 t/m 03-09-2022 voor 300 euro per week
Declaratieperiode augustus
Declaratieperiode 01-08-2022 t/m 31-08-2022
Productperiode 01-08-2022 t/m 31-08-2022
Volume Aantal zondagen in de productperiode + 1 * 300 euro (1500 euro)

Declaratieperiode september
Over september wordt er geen declaratie meer ingediend. De laatste week, die gedeeltelijk in september valt, is al meegenomen in de declaratie over augustus.

Toepassing op uw casus

  • Toewijzing: 17-7-2023 t/m 1-7-2024 (eindigt op maandag)
  • Declaratie over juni 2024

Stap 1: Bepaal het aantal zondagen in juni 2024

  • Zondagen in juni 2024: 2, 9, 16, 23, 30 → 5 zondagen

Stap 2: Controleer of de laatste zondag van de toewijzing in juni valt en de einddatum geen zondag is

  • Laatste zondag vóór 1-7-2024 is 30 juni 2024
  • Einddatum is maandag 1 juli 2024 (dus géén zondag)
  • Volgens IV077: “plus 1 indien in die productperiode de laatste zondag van de toewijzing ligt en de einddatum van de toewijzing geen zondag is”

Stap 3: Toepassing

  • De laatste zondag van de toewijzing (30 juni) ligt in juni 2024
  • De einddatum is geen zondag
  • Dus: 5 zondagen + 1 = 6 stuks mogen worden gedeclareerd over juni 2024

Conclusie

Volgens de iJw-standaard mag in deze situatie 6 stuks worden gedeclareerd over juni 2024. De gemeente heeft de declaratie dus onterecht afgekeurd.

3. Samenvatting
Volgens de iJw-standaard (IV077) mag bij een outputgerichte toewijzing met frequentie per week, waarvan de einddatum niet op een zondag valt, in de maand waarin de laatste zondag van de toewijzing valt, één extra weekvolume worden gedeclareerd. In uw casus betekent dit dat over juni 2024 6 stuks gedeclareerd mogen worden. De gemeente heeft de declaratie van 6 stuks dus onterecht afgekeurd.

De Ketenbureau hackathon ‘Vereenvoudigd en Versneld’

Op 9 en 10 april stond de hackathon ‘Vereenvoudigd en Versneld’ in het teken van de vraag “Kunnen we een versnelling aanbrengen in veelbelovende (data) initiatieven binnen het sociaal domein?”

Tijdensdeze hackathon benutten we de kracht van samenwerking en creativiteit om concrete stappen te zetten, knelpunten sneller te doorbreken en oplossingen te ontwikkelen die direct toepasbaar zijn in de praktijk. Niet alleen praten over versnelling, maar ook daadwerkelijk resultaten boeken.

Binnenkort vind je hier op de site de demo’s en de pitches. Registeren is niet meer mogelijk. Je kunt je wel inschrijven voor onze nieuwsbrief.

De eind-demo’s
Vijf teams werkten aan actuele vraagstukken binnen de thema’s vereenvoudiging van de uitvoering, verminderen van administratieve lasten en verbeteren van de informatievoorziening in het sociaal domein. Het ging om cases die vragen om concrete oplossingen en uitnodigen tot samenwerking tussen gemeenten, zorgaanbieders en ketenpartners.

Pitches over dataproducten
Welke dataproducten maken écht het verschil voor aanbieders en gemeenten in het sociaal domein? Tijdens de hackathon boden we een aantal innovatieve producten, aangedragen door gemeenten, een podium. Met een online pitch van 10 minuten presenteren BasisBeeld, Kurtosis, Leefsamen, Van Dam Datapartners, Aspectu en Fierit hun slimme oplossingen.

Gemeente Arnhem: betere sturing met zorgdata-dashboard

De gemeente Arnhem startte in 2019 met de ontwikkeling van een dashboard voor het analyseren van zorgdata. Kevin Meijer, senior bestuursadviseur bij de gemeente Arnhem, legt uit welke inzichten het oplevert en hoe het bijdraagt aan betere sturing. “Het dashboard helpt ons grip te houden op de kosten, legt inefficiënties en afwijkingen bloot en geeft een beeld van de financiële gezondheid van aanbieders.”

“In de uitvoering van de Jeugdwet en de Wmo gaat in de gemeente Arnhem zo’n 160 miljoen euro om. Met zulke bedragen wil je natuurlijk inzichtelijk hebben waar het geld naartoe gaat en of er opvallende ontwikkelingen zijn”, vertelt Kevin Meijer. “Daarnaast hebben gemeenten als sinds de decentralisering in 2015 te maken met lagere budgetten vanuit het Rijk terwijl de zorgvraag alsmaar toeneemt. Het is dus steeds belangrijker dat we financieel grip houden en kunnen sturen, op allerlei niveaus. Tegelijkertijd beschikt een gemeente vanuit het berichtenverkeer over heel veel gestructureerde data die uitstekend geschikt is om informatie mee te ontsluiten. We weten welke inwoner zorg krijgt, van welke aanbieder, vanaf wanneer, enzovoort. Zo ontstond het idee om een dashboard te ontwikkelen.”

Maatwerk
Het dashboard, dat is ontworpen met de rapportagetool Power BI, is een intuïtieve online omgeving die data voor verschillende gebruikersgebruiken inzichtelijk maakt. “De focus ligt op eenvoud en gebruiksvriendelijkheid. Zelfs mensen die niet dagelijks met data werken, kunnen er gemakkelijk mee overweg,” zegt Meijer. “De gemeenteraad heeft rechtstreeks toegang tot het dashboard maar ook onze managers, beleidsadviseurs en mensen in de uitvoering, zoals de teamleiders van de wijkteams. Al deze groepen hebben op hun eigen functieniveau minder of meer geaggregeerde informatie tot hun beschikking. Dat wat mensen te zien krijgen, is getoetst door AVG-specialisten en privacy officers. De teamleiders van de wijkteams kunnen bijvoorbeeld zien of bepaalde wijkcoaches bovengemiddeld veel huishoudelijke ondersteuning toewijzen. Als dit een patroon is, kan dat erop wijzen dat een wijkcoach te coulant is. De teamleider kan daar op basis van de data dan het gesprek over aangaan. Raadsleden zien vooral informatie over aantallen inwoners per zorgvorm, de daarmee samenhangende uitgaven en de ontwikkeling daarvan door de jaren heen.”

Optimaliseren
Het dashboard geeft niet alleen inzicht in zorgconsumptie, maar helpt ook bij het signaleren van mogelijke inefficiënties die voor onnodig hoge kosten zorgen. “Sommige inwoners worden tegelijkertijd door meerdere aanbieders geholpen. Soms blijkt dat deze aanbieders niet eens van elkaars betrokkenheid op de hoogte zijn. Dankzij de data kunnen we zulke situaties opsporen en optimaliseren. Een collega heeft met behulp van het dashboard onze duurste jeugdzorgcliënten in kaart gebracht. Samen met de betrokken aanbieders heeft zij onderzocht of de hulp niet beter ingericht kan worden. Dit heeft geleid tot een betere zorgtoewijzing voor de jeugdigen en minder kosten voor ons als gemeente.”
Daarnaast monitort het dashboard de financiële gezondheid van zorgaanbieders. “Als een aanbieder failliet dreigt te gaan, komt de continuïteit van zorg voor onze inwoners in gevaar. We analyseren daarom allerlei kengetallen om problemen vroegtijdig te signaleren. Ook kunnen we hiermee mogelijke fraude opsporen.” 

Adviezen
Voor gemeenten die ook een dashboard willen bouwen, heeft Meijer een aantal adviezen: “Zorg eerst dat je data op orde is. Garbage in is garbage out. Als er gekke cijfers uit een dashboard komen, hoeft dat niet aan het systeem te liggen. Het kan ook zijn dat je er rommel instopt, doordat je niet gestructureerd werkt. Daarnaast is het belangrijk om focus te houden. Het doel is niet om zoveel mogelijk data te ontsluiten, maar om rapportages te maken waar mensen echt wat aan hebben. Zelf hebben we in 2024 een grote verbeterslag gemaakt. Er was een wildgroei aan rapportages ontstaan, waardoor gebruikers door de bomen het bos niet meer zagen. Nu is alles veel strakker ingericht, met prioriteit voor relevante en duidelijke informatie. Bovendien maken we zorgvuldige afwegingen over nieuwe toevoegingen aan het dashboard.”
Een goede beheerstructuur is volgens hem cruciaal. “Wij verversen onze data iedere nacht en monitoren continu of alles technisch goed loopt. Als dat niet zo is, krijgen we direct een mailtje. Let op: de rapportages kunnen er ‘gek’ uitzien.” 

Kennisdeling
Meijer beseft dat het opzetten van een dashboard voor kleinere gemeenten een ingewikkelde exercitie kan zijn: “Wij koppelen in house data uit verschillende bronnen en ontsluiten die in een centraal datawarehouse. Voor kleinere gemeenten is dit vaak te kostbaar. Ze zijn afhankelijk van de tools die hun eigen softwareleveranciers te bieden hebben. Wij denken dat we een mooie oplossing hebben en zijn bereid om die via het Ketenbureau met andere gemeenten te delen. We hebben bijvoorbeeld documenten over het opzetten van een beheerorganisatie en de technische specificaties van onze rapportages. We hopen dat andere gemeenten daarmee aan de slag kunnen om ook een dashboard te bouwen. Het is de moeite meer dan waard!”

Meer weten?
Wil je meer informatie over het dashboard van de gemeente Arnhem?  Neem contact op met Robin Bertus of Joost Broumels van het Ketenbureau.

Handreiking datastrategie voor gemeenten verschenen

De VNG heeft een handreiking gepubliceerd om gemeenten te stimuleren en begeleiden bij het formuleren van een effectieve datastrategie.

De handreiking Datastrategie: Handvatten voor het opstellen van een gemeentelijke datastrategie (pdf, 1 MB) geeft niet alleen inzicht in het waarom van een datastrategie, maar fungeert ook als een kompas voor gemeenten om te bepalen wat er in die datastrategie moet komen te staan en hoe zij deze kunnen opstellen.

Waarom een datastrategie? 

Een goed doordachte datastrategie stelt een gemeente in staat om data te analyseren en te interpreteren, waardoor beter inzicht ontstaat in gemeentelijke processen en dienstverlening. Dit leidt tot weloverwogen besluitvorming op basis van feitelijke informatie. Het stelt een gemeente daarnaast in staat om technologie effectief in te zetten bij het bereiken van strategische doelen en sneller te reageren op veranderingen in de omgeving, zoals demografische verschuivingen, economische veranderingen of noodsituaties.

Voor en door gemeenten

Het werk van gemeenten vormt de basis van de handreiking. De VNG onderzocht bestaande gemeentelijke datastrategieën en sprak met leden van de Kopgroep Datagedreven Werken van het Kennisnetwerk Data & Samenleving. 

De handreiking is voor gemeenten die:

  • aan de slag willen met datagedreven werken en een handvat zoeken voor de eerste stappen.
  • al wat experimenteren met datagedreven werken en hier meer samenhang in willen brengen.
  • al verder zijn en hun datastrategie willen herijken.

Tweede rapport Digital Decade gepubliceerd

De komende jaren komt er vanuit het Europese programma Digital Decade veel wet- en regelgeving op gemeenten af. Om de gevolgen daarvan inzichtelijk te maken en eventuele knelpunten op tijd in kaart te brengen, doet de VNG een aantal uitvoeringsanalyses. Het tweede rapport, dat zich richt op Europese dataregelgeving, is recent gepubliceerd.

De uitvoeringsanalyse brengt de gevolgen en het handelingsperspectief in kaart voor de volgende regelgeving:

  • Data Governance Act (DGA, Data governance verordening);
  • Data Act (DA, Data verordening);
  • Open Data Directive (ODD, Open data richtlijn);
  • Interoperable Europe Act;
  • EU-brede dataspace (dataruimte).

Rapport lezen
Je vindt het rapport via deze link. Li